EREGALERIJ NAC BREDA


 

Rat Verlegh
Antoon ‘Rat’ Verlegh is vanaf de oprichting in 1912 ruim 19 jaar actief voor NAC. Hij komt acht keer uit in Oranje waarin hij twee keer scoort. Zijn grootste triomfen viert hij als speler van NAC, waarmee hij in 1921 kampioen van Nederland wordt.

Verlegh is als speler en aanvoerder een waar sieraad voor NAC. Ook buiten het veld toont hij leiderschap. NAC biedt hem reeds als actief speler een bestuursfunctie aan. Later is hij ook landelijk actief in achtereenvolgens de District Commissie, Technische Commissie en de Keuze Commissie van de KNVB. In 1953 krijgt hij een conflict met de KNVB en stort zich weer volledig op NAC. In Breda werkt hij nog jarenlang achter de schermen.

Leo Canjels
Als broekie van 15 jaar maakt Leo Canjels de overstap van het Bredase Groen-Wit naar het grote NAC. Canjels is een onvervalste spits. Hij scoort uit alle hoeken en standen en verwerft de bijnaam ‘Het Kanon’. Voor NAC scoort Canjels 251 doelpunten in 313 wedstrijden. In 1958 en 1959 kroont hij zich tot topscorer van Nederland. Toch speelt Canjels slechts drie interlands waarin hij twee goals meepikt.

Na zijn loopbaan gaat Canjels als trainer aan de slag. Eerst bij NAC, later wijkt hij uit naar België. Canjels leidt in 1973 Club Brugge naar het kampioenschap van België.

Kees Rijvers
Kees Rijvers is een kind van Princenhage. De familie Rijvers woont op een steenworp afstand van het NAC-terrein aan de Heuvelstraat. Rijvers begint bij Groen Wit maar maakt al jong de overstap naar NAC. Op zijn 18e debuteert hij in het eerste elftal. Zijn dribbels zijn niet speels, maar kort en venijnig. Rijvers schopt het tot Oranje. Met Abe Lenstra en Faas Wilkes vormt hij het illustere Gouden Binnentrio. Rijvers speelt 33 interlands waarin hij 10 keer scoort.

In 1950 vertrekt Rijvers naar Frankrijk om zijn geluk als full-prof bij Saint Etienne te beproeven. Hij verwerft de bijnaam 'Le Kopa Hollandais'. Na de invoering van het betaald voetbal keert Rijvers terug naar Nederland. Hij gaat aan de slag bij Feyenoord en in 1962 keert Rijvers bij NAC terug op het oude nest. Na één seizoen zet hij een punt achter zijn actieve loopbaan. Rijvers bekwaamt zich in het trainersvak. Via FC Twente komt hij bij PSV terecht. Onder zijn leiding dringt de Eindhovense club door tot de vaderlandse top. Met PSV wint Rijvers drie landstitels, twee keer de nationale beker en de UEFA Cup. Later stelt de KNVB hem als bondscoach aan. Slechts één wapenfeit ontbreekt op Rijvers’ cv: “Ik heb het altijd bijzonder jammer gevonden dat ik nooit trainer van NAC ben geweest.”

Kees Kuijs
De meeste interlands als speler van NAC staan op naam van Kees Kuijs. In de jaren vijftig verdient semi-prof Kuijs de kost als fysiotherapeut. Als linksback schopt hij het tot liefst 43 caps, waarvan 39 in dienst van NAC. In Oranje vormt hij een vast duo met rechtsback Roel Wiersma van PSV.

Ton Lokhoff
Als kind van negen jaar meldt Ton Lokhoff zich aan bij NAC. Hij doorloopt alle jeugdelftallen en maakt al snel zijn opwachting in het eerste. Hij speelt zich direct in de basis en maakt na drie jaar de overstap naar het grote PSV waarmee hij in 1986 het lanskampioenschap behaalt. Na een kortstondig avontuur bij het Franse Nîmes keert Lokhoff via Feyenoord na 8½ jaar terug bij NAC. De officiële opening van het Fujifilm Stadion staat in het teken van de afscheidswedstrijd van ‘Tony Sixpack'.

Lokhoff speelt twee interlands. Na zijn loopbaan opent hij een sportzaak en gaat hij als trainer aan de slag. In 2007 komt Lokhoff bij een lezersenquête van het regionale dagblad BN/De Stem als Mister NAC uit de bus. Hij laat Rat Verlegh achter zich.

Pierre van Hooijdonk
Pierre van Hooijdonk maakt bij het Roosendaalse RBC zijn debuut in het betaalde voetbal. Na twee seizoenen maakt hij de overstap naar NAC, waarmee hij in 1993 promoveert naar de KPN Telecompetitie. Techniek, fysieke kracht en een neusje voor de goal maken vrijetrappenspecialist Pierre van Hooijdonk tot één van de beste spitsen van Nederland. In drie seizoenen scoort Van Hooijdonk 81 keer voor NAC.

'Pi-Air' wekt de interesse van het Schotse Celtic dat een recordbedrag van 3 miljoen gulden (1,36 miljoen euro) neertelt voor de topscorer. Na vele omzwervingen belandt Van Hooijdonk in 2001 bij Feyenoord. In Rotterdam groeit hij uit tot een vedette. Met Feyenoord wint hij in 2002 de UEFA Cup. In een kolkende Kuip scoort Van Hooijdonk twee keer in de finale tegen Borussia Dortmund. Met Fenerbahçe pakt hij twee jaar op rij de Turkse landstitel. In Oranje fungeert Van Hooijdonk vooral als pinchhitter. In 46 interlands start hij slechts vijf keer in de basis. Toch scoort hij 14 interlandgoals.

Bookmark and Share


home | contact | colofon